Ontmoet de high tech Romeinen
2 V. Chr. – 406 N. Chr.
Bezoek het Romeinse grensdorp Trajectum ad Rhenum en ontmoet de Romeinen.
Wat kun je allemaal doen in de Romeinse Tijd?
Exerceer in het Romeins legioen
Geniet van een Romeinse armmassage
Maak een mooie fibula (Romeinse speld)
Ontdek de Romeinse kruiden
Wat kun je allemaal meebeleven in de Romeinse tijd?
In de cella, het centrum van het tempelterrein, vinden we vaak een beeld van de god(in). Dit was de zetel van de god, waar gewone burgers niet naar binnen mochten. Rituelen en offers vonden buiten het gebouw plaats. Rondom het vierkante gebouw loopt een zuilengalerij. Dit soort gebouw komt vooral in Noord-West Europa voor, daarom hebben we het ook over een Gallo-Romeinse tempel.
Gedurende het openingsseizoen (april t/m oktober) vindt er dagelijks een tempelceremonie plaats.
Met eigen handen en op authentieke wijze aangelegde Romeinse weg, Via Albaniana. De weg werd door Romeinen ruim 2.000 jaar geleden gelegd van Katwijck naar Berg en Dal. De weg was ruim 275 km lang en werd gebruikt om snel van de ene naar de andere kant van het Rijk te reizen en via koeriers, de zogenaamde Cursus publicus konden berichten worden verstuurd waardoor iedereen snel op de hoogte was van het laatste nieuws. In ons park is Via Albaniana als recontructie te bekijken. Via Albaniana is hier ruim 22 meter lang. Aan het begin van Via Albaniana is een replica van de beroemde mijlpaal nabij forum Hadriani tentoongesteld.
De mijlpaal
De mijlpaal nabij forum Hadriani werd ongeveer vier Romeinse mijlen (ongeveer 6 km) naast landgoed Arentsburg in Voorburg gevonden.
De Arena is de plek waar de Romeinen hun gladiatoren spelen hielden. Twee gladiatoren kijken elkaar woest aan, de Editor roept: “PUGNATE!” en ze stormen op elkaar af. Tot de tanden toe bewapend, zonder angst. Wie zal er winnen?
Arena betekent met zand bestrooid. Hiermee wordt het strijdperk waar de gladiatoren vechten aangeduid. In grote steden is de arena een onderdeel van het theater (D-vorm) of amfitheater (ovaal), waar tal van voorstellingen worden uitgevoerd. Bij kleinere plaatsen en forten bouwen Romeinen eenvoudige houten arena’s met tribunes op een zandwal.
De traditie van het gladiatorengevecht stamt uit de tijd waarin rituele gevechten op leven en dood worden georganiseerd. De gladiatoren in Archeon strijden niet voor leven of dood maar voor hun vrijheid. Na het gevecht kun je de gladiatoren buiten de arena ontmoeten.
De gladiatoren zijn oorspronkelijk vooral infami, rechteloze ter dood veroordeelde slaven, krijgsgevangenen en criminelen. Een lanista, een zakenman in gladiatoren, heeft hen gekocht en getraind in zijn ludus, school, met allerlei wapens. Maar er zijn ook zelfstandige vrije gladiatoren, die als krachtpatser hun brood verdienen. De lanista biedt de gladiatoren aan bij een editor muneris.
Voor het gevecht begint, wordt vaak eerst een pompa, optocht, gehouden. Hierbij zijn de gladiatoren te bewonderen – men kan inzetten – en natuurlijk meestal ook de editor als de weldoener die de toeschouwers op het schouwspel trakteert. Vervolgens vraagt een priester(es) aan de goden om toestemming voor het gevecht.
De gladiatoren hebben elk hun eigen specialiteit en zijn ingedeeld in vaststaande types met bijpassende bewapening. Twee verschillende types staan tegenover elkaar. De uiteindelijke verliezer wordt door zijn tegenstander op een trefzeker, zo pijnloos mogelijke manier gedood. Het lijk wordt meegenomen door de doodsdemon Charun, nadat deze het een klap met een grote hamer heeft toegediend. Maar de gewonde verliezer kan ook om genade smeken. Vaak mag het publiek dan over zijn leven beslissen. De winnaar krijgt een lauwerkrans of palmtak, of heel soms een zak goudstukken. Daarna keert hij terug naar de ludus. Een succesvolle gladiator wordt door zijn lanista in de watten gelegd, hij levert hem goede winsten op. Bovendien kunnen deze sterren rekenen op de gunsten van het publiek. Zo kunnen infami hun lot keren. Houdt de ster-gladiator het vijf jaar in de arena vol, dan krijgt hij een rudis, houten zwaard, ten teken dat hij weer een vrij man is.
Het marktplein is zeer belangrijk. Hier komt iedereen samen. Er wordt koopwaar aangeboden, er worden toespraken gehouden, en aan de markt liggen meestal ook de tempels van de stad.
Rostrum
Het podium voor redenaars hoort er bij op het forum. Rostrum betekent letterlijk: steven van een schip, het meervoud is rostra. Buitgemaakte onderdelen van vijandelijke schepen vormen oorspronkelijk de triomftekens aan dit spreekgestoelte.
Puteus – Waterput
Op de hoek van een kruising staat de waterput met een beeldje van een wijnschenkster. Ieder insula, woonblok, in een Romeinse stad heeft een eigen put. De beelden die erbij staan dienen tevens als straataanduiding.
De wapenstand van de Romeinen bevat enkele belangrijke en vaak gebruikte wapens zoals de cassus, segmentata, gladius, scutum en de pilum.
Het badhuis is voor de Romeinen haast van levensbelang. Er zijn achtereenvolgens verschillende behandelingen die men ondergaat, en onderwijl is er volop gelegenheid om met elkaar te spreken, gedachten te ontwikkelen, politiek te bedrijven of zaken te doen.
Het apodyterium is de ingang van het badhuis en doet ook dienst als kleedruimte. Na binnenkomst kleedt men zich uit, bergt kleding in de loculi, kastjes, en betaalt bij de balneator, badmeester. Dan begint het met wat sportoefeningen op de palaestra, binnenplaats, en een bezoek aan de latrinae, wc’s. Dit heuse watercloset voor zes personen spoelt met afvalwater uit het badhuis.
Het badhuis is warm. De vloeren en muren worden verwarmd door een hypocaustum, een vernuftig systeem waarbij warmte van het praefurnium, stookhok, in spouwen en holtes onder de vloer wordt geleid. Een grote bronzen ketel in het praefurnium verwarmt het badwater, dat via mooie waterspuwers in de bassins terechtkomt.